Tapijtmuseum

Tapijtmuseum Genemuiden: “Van biezen tot kunstgras”. De geschiedenis van de Genemuider vloerbedekkingsindustrie is in het Tapijtmuseum vastgelegd.

In de tapijtstad Genemuiden wordt al eeuwenlang vloerbedekking gemaakt. Voor 1500 was er al een huisindustrie waar matten werden gemaakt van biezen die groeiden in de ondiepe wateren langs de randen van de Zuiderzee. Aan het einde van de Eerste Wereldoorlog kwam een biezenmattenfabrikant in het bezit van een scheepslading kokosgaren en vanaf die tijd werden er ook kokosmatten gemaakt in Genemuiden. Een nieuwe grondstof was sisal. In 1925 kwamen de eerste weefmachines in Genemuiden. De geweven kokos- en sisalvloerbedekking werd rond 1965 geheel verdrongen door getufte vloerbedekking van wol en synthetisch garen. Het nieuwste product is getuft kunstgras.

In het Tapijtmuseum in Genemuiden zijn geen tapijten te zien! Wel is de geschiedenis van de Genemuider vloerbedekkingindustrie vastgelegd. Vrijwilligers geven demonstraties van oude handweeftechnieken en werken op oude weefgetouwen en weefmachines. De bezoekers krijgen zo een uitgebreid beeld van de ontwikkeling van het maken van biezen matten in de huisindustrie tot het fabrieksmatig produceren van kamerbreed tapijt.

Een (groeps)bezoek aan het Tapijtmuseum duurt anderhalf tot twee uur (met eventueel koffie en de mogelijkheid tot een lunch) en kan prima gecombineerd worden met een bezoek aan de prachtige regio IJsseldelta in de Kop van Overijssel.

Foto's: Klaas Noordstra